testing
|
Sfeer (SPH) |
De basissterkte van het brillenglas. Een plus-waarde (+) duidt op verziendheid, een min-waarde (–) op bijziendheid.
Hoe hoger het getal, hoe sterker de benodigde correctie is. |
|
Cilinder (CYL) |
De mate van correctie voor astigmatisme (een cilindrische afwijking). Deze waarde wordt altijd gecombineerd met de As (AXIS).
|
|
As (AXIS) |
De AXIS-waarde geeft de richting (oriëntatie) van het astigmatisme aan, uitgedrukt in graden (1°–180°). Deze waarde wordt altijd samen met de CYL gebruikt om aan te geven in welke hoek de correctie in het glas moet worden geplaatst.
|
|
Additie (ADD) |
De extra sterkte die nodig is voor lezen en taken op korte afstand. Deze waarde is vereist voor leesbrillen en multifocale glazen. In de meeste gevallen is de additie voor beide ogen gelijk.
|
|
Pupilafstand (PD) |
De PD is de afstand tussen het middelpunt van je pupillen, gemeten in millimeters. Deze waarde is essentieel om de glazen exact voor je ogen te centreren.
|
|
Prisma |
Correctie voor de oogstand, gemeten in prismadioptrieën (). De basis geeft de richting aan: boven (BU), onder (BD), binnen (BI) of buiten (BO). |
testing